Skip to main content

Slaapstoornissen

Versie 02-06-2026 

Wat is de klacht?  

Slaapstoornissen komen vaak voor binnen post-acute infectieuze syndromen (PAIS), waaronder post-COVID en Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QVS). Het gaat niet alleen om slapeloosheid, maar ook om niet-verkwikkende slaap, waarbij iemand ondanks voldoende slaapduur niet uitgerust wakker wordt. Dit lijkt binnen PAIS vaker voor te komen dan klassieke slapeloosheid alleen. Daarnaast kunnen verstoring van het slaap-waakritme, overmatige slaperigheid overdag, gefragmenteerde slaap, nachtmerries, rusteloze benen, slaapapneu of een vertraagde slaapfase voorkomen. Bij patiënten met PAIS staan slaapklachten zelden op zichzelf: ze gaan vaak samen met vermoeidheid, pijn, post-exertionele malaise (PEM), cognitieve klachten, dysautonomie, angst- of stemmingsklachten en verminderde kwaliteit van leven. 

Wat is bekend over het werkingsmechanisme? 

De precieze oorzaak van slaapstoornissen bij PAIS is nog niet volledig opgehelderd. De literatuur wijst op een multifactorieel mechanisme waarbij persisterende ontsteking, immuundysregulatie, neuro-inflammatie, verstoring van neurotransmitters, autonome ontregeling, mitochondriale dysfunctie en ontregeling van circadiane ritmes een rol kunnen spelen. Bij post-COVID worden daarnaast steeds vaker verschoven slaapfasen en verlies van slaapregelmaat beschreven, wat kan leiden tot problemen met inslapen, opstaan en functioneren volgens het gebruikelijke dag-nachtritme. Mogelijk spelen hierbij verstoringen van de biologische klok en betrokkenheid van de hersenstam, hypothalamus en andere slaap-waakregulerende netwerken een rol. Psychologische factoren zoals stress, angst, depressie en ziektebelasting kunnen slaapklachten versterken, maar verklaren deze niet volledig. De relatie is waarschijnlijk bidirectioneel: slechte slaap kan vermoeidheid, pijn, cognitieve klachten en immuunontregeling verergeren, terwijl deze klachten op hun beurt de slaap verder kunnen verstoren. 

Wat is er bekend over het effect? 

Post-COVID

Slaapstoornissen behoren tot de frequent gerapporteerde klachten bij post-COVID. In studies worden uiteenlopende prevalenties gevonden, mede door verschillen in definities, meetmomenten en gebruikte vragenlijsten. In een grote systematische review en meta-analyse werd de prevalentie van slaapstoornissen na COVID-19 geschat op ongeveer 29%, hoewel dit percentage sterk varieerde tussen studies en gebruikte meetmethoden. Gerapporteerde klachten omvatten vooral insomnia, niet-verkwikkende slaap en een verminderde slaapkwaliteit, maar ook overmatige slaperigheid, centrale hypersomnie, narcolepsie-achtige beelden, slaapapneu, REM-slaapstoornissen en verstoring van het circadiane ritme. Het is daarbij belangrijk onderscheid te maken tussen slaapgerelateerde klachten en een afzonderlijke slaapstoornis: niet iedere patiënt met niet-verkwikkende slaap of vermoeidheid heeft bijvoorbeeld obstructieve slaapapneu, narcolepsie, een REM-slaapgedragsstoornis of een insomniastoornis. Bij een deel van de patiënten lijken de slaapklachten onderdeel van het bredere post-COVID-syndroom, terwijl bij anderen een specifieke slaapstoornis wordt vastgesteld waarvoor gerichte diagnostiek en behandeling mogelijk zijn. In een prospectieve cohortstudie bij post-COVID-patiënten had ongeveer een kwart slaapgerelateerde klachten; insomnia kwam het vaakst voor en een kleinere groep had overmatige slaperigheid. In een klinisch slaapcohort werden meerdere slaapstoornissyndromen gezien, waaronder obstructieve slaapapneu, chronische insomnia, primaire hypersomnie, REM-slaapgedragsstoornis en nieuw ontstane circadiane fasevertraging. Bovendien lijkt er een samenhang te bestaan tussen slaapklachten en post-exertionele malaise (PEM): perioden van fysieke, cognitieve of emotionele overbelasting kunnen gepaard gaan met een tijdelijke verslechtering van de slaapkwaliteit en het slaapherstel. 

Slaapklachten bij post-COVID hangen samen met een verminderde kwaliteit van leven en kunnen bijdragen aan vermoeidheid, concentratieproblemen en beperkingen in het dagelijks functioneren. Slaapgerelateerde klachten betekenen daarbij niet automatisch dat sprake is van een afzonderlijke slaapstoornis. Bij een deel van de patiënten maken deze klachten onderdeel uit van het bredere ziektebeeld, terwijl bij anderen een specifieke slaapstoornis wordt vastgesteld waarvoor gerichte diagnostiek en behandeling mogelijk zijn. De huidige literatuur ondersteunt daarom het belang van zorgvuldige diagnostiek bij persisterende of ernstige slaapklachten, bijvoorbeeld met slaapvragenlijsten, beoordeling van het slaap-waakritme, actigrafie of polysomnografie wanneer dit klinisch geïndiceerd is. Er is nog beperkt bewijs voor post-COVID-specifieke behandelingen. De huidige behandeladviezen zijn daarom grotendeels gebaseerd op bestaande richtlijnen voor slaapstoornissen en worden afgestemd op het type slaapstoornis, bijvoorbeeld cognitieve gedragstherapie voor insomnia, slaap-waakritme-interventies, behandeling van slaapapneu of verwijzing naar een slaapcentrum bij hypersomnie of een vermoeden van narcolepsie. Op dit moment zijn er onvoldoende gegevens om specifieke slaapbehandelingen voor post-COVID aan te bevelen. 

QVS

Bij QVS staan langdurige vermoeidheid, niet-verkwikkende slaap, post-exertionele klachten en cognitieve problemen centraal. De beschikbare literatuur laat zien dat Q-koorts, net als andere infectieuze triggers zoals Epstein-Barrvirus en Ross River-virus, kan worden gevolgd door een postinfectieus vermoeidheidssyndroom. In diagnostische kaders voor ME/CVS, waarmee QVS deels overlapt, wordt slaapdysfunctie expliciet genoemd, waaronder niet-verkwikkende slaap en verstoring van het circadiane ritme. Specifiek onderzoek naar afzonderlijke slaapstoornissen bij QVS is echter beperkt. Hoewel slaapstoornissen bij post-COVID inmiddels relatief goed zijn beschreven, bestaat ook daar nog beperkte kennis over de exacte onderliggende mechanismen, het natuurlijke beloop en de meest effectieve behandeling. Voor QVS is deze kennis nog beperkter. Daardoor kan op dit moment niet goed worden vastgesteld welke slaapstoornissen het meest voorkomen bij QVS, wat de effectiviteit is van slaapgerichte interventies of welke behandeling specifiek voor QVS het meest geschikt is. 

Chronische Q-koorts

Chronische Q-koorts is een andere klinische entiteit dan QVS en berust op een persisterende infectie met Coxiella burnetii. Slaapklachten kunnen voorkomen als onderdeel van algemene ziektelast, vermoeidheid, pijn of psychische belasting, echter geeft huidige literatuur geen specifiek bewijs voor een apart slaapstoornisprofiel bij chronische Q-koorts. Bij patiënten met chronische Q-koorts blijft behandeling van de onderliggende infectie leidend. Slaapklachten verdienen wel aandacht als onderdeel van symptoomlast en kwaliteit van leven, maar moeten worden beoordeeld binnen de bredere medische context. 

Andere PAIS en klachten na vaccinatie  

Binnen PAIS in bredere zin worden slaapstoornissen gezien na verschillende infecties en post-virale syndromen. De literatuur beschrijft dat pijn, vermoeidheid en slaapstoornissen vaak samen voorkomen en elkaar kunnen versterken. Voor klachten na vaccinatie is de beschikbare literatuur beperkter. Er zijn zeldzame meldingen van hypersomnie na COVID-19-vaccinatie, maar er is onvoldoende bewijs om conclusies te trekken over prevalentie, mechanisme of behandeling bij deze doelgroep. 

Toegankelijkheid wanneer van toepassing 

Slaapklachten kunnen laagdrempelig worden gescreend met gevalideerde vragenlijsten zoals de Insomnia Severity Index (ISI), Pittsburgh Sleep Quality Index (PSQI), Epworth Sleepiness Scale (ESS) en de PROMIS Sleep Disturbance-vragenlijst. Van de ISI, PSQI en ESS zijn Nederlandse versies beschikbaar. Welke vragenlijst wordt gebruikt, verschilt per setting en onderzoeksvraag. Binnen expertisecentra en slaapcentra worden deze instrumenten vaak gecombineerd met een slaapanamnese en, indien nodig, aanvullend diagnostisch onderzoek. Bij alarmsymptomen of ernstige beperkingen, zoals forse slaperigheid overdag, verdenking op slaapapneu, narcolepsie, REM-slaapgedragsstoornis of een sterk ontregeld slaap-waakritme, is verwijzing naar een slaapcentrum of specialistische beoordeling aangewezen. 

Bronnen en wetenschappelijk bewijs 
  • Moura, A. E. F., Oliveira, D. N., Torres, D. M., Tavares-Júnior, J. W. L., Nóbrega, P. R., Braga-Neto, P., & Sobreira-Neto, M. A. (2022). Central hypersomnia and chronic insomnia: Expanding the spectrum of sleep disorders in long COVID syndrome – a prospective cohort study. BMC Neurology, 22, 417. 
  • Tedjasukmana, R., Budikayanti, A., Islamiyah, W. R., Witjaksono, A. M. A. L., & Hakim, M. (2023). Sleep disturbance in post COVID-19 conditions: Prevalence and quality of life. Frontiers in Neurology, 13, 1095606. 
  • Coelho, F. M. S., Czuma, R., Ticotsky, A., Maley, J., Mullington, J. M., & Thomas, R. J. (2024). Sleep disorder syndromes of post-acute sequelae of SARS-CoV-2 (PASC) / Long Covid. Sleep Medicine, 123, 37–41. 
  • Coelho FMS, Czuma R, Ticotsky A, Maley J, Mullington JM, Thomas RJ. Sleep disorder syndromes of post-acute sequelae of SARS-CoV-2 (PASC) / Long Covid. Sleep Med. 2024 Nov;123:37-41. doi: 10.1016/j.sleep.2024.08.030. Epub 2024 Aug 29. PMID: 39236463. 
  • Poenaru, S., Abdallah, S. J., Corrales-Medina, V., & Cowan, J. (2021). COVID-19 and post-infectious myalgic encephalomyelitis/chronic fatigue syndrome: A narrative review. Therapeutic Advances in Infectious Disease, 8, 1–16. 
  • Tackey, C., Slepian, P. M., Clarke, H., & Mittal, N. (2023). Post-Viral Pain, Fatigue, and Sleep Disturbance Syndromes: Current Knowledge and Future Directions. Canadian Journal of Pain, 7(2), 2272999. 
  • Kotova, O. V., Medvedev, V. E., Poluektov, M. G., Belyaev, A. A., & Akarachkova, E. S. (2023). Sleep Disorders in Post-COVID Syndrome: A Psychiatric or Neurological Problem? Neuroscience and Behavioral Physiology, 53(1), 16–20. 
  • Zhong, Y., Ji, Q., & Zhou, L. (2023). Sleep disorders of post-COVID-19 conditions. Sleep and Breathing, 27, 2435–2436. 
  • Linh TTD, Ho DKN, Nguyen NN, Hu CJ, Yang CH, Wu D. Global prevalence of post-COVID-19 sleep disturbances in adults at different follow-up time points: A systematic review and meta-analysis. Sleep Med Rev. 2023 Oct;71:101833. doi: 10.1016/j.smrv.2023.101833. Epub 2023 Aug 11. PMID: 37597302. 
  • Spronk I, Brus IM, de Groot A, et al. Long-term health outcomes of Q-fever fatigue syndrome patients. Epidemiology and Infection. 2023;151:e179. doi:10.1017/S0950268823001401