Wat is de interventie?
Creatine is een lichaamseigen stof die een belangrijke rol speelt in de snelle energievoorziening van spier- en zenuwcellen. Creatine wordt door het lichaam zelf aangemaakt uit aminozuren, vooral in de lever, de nieren en de alvleesklier. Daarnaast komt creatine voor in voeding, met name in vlees en vis. Creatine wordt in de cellen deels omgezet in fosfocreatine. Fosfocreatine helpt om adenosinetrifosfaat (ATP), de directe energiebron van cellen, snel aan te vullen tijdens korte perioden van verhoogde energiebehoefte.
Creatine wordt ook als voedingssupplement gebruikt, vooral in de vorm van creatinemonohydraat. Deze vorm is het meest onderzocht. In de sportwereld wordt creatine als voedingsupplement gebruikt om prestaties bij korte, intensieve inspanning en spierkrachttraining te ondersteunen. In de context van post-COVID en andere post-acute infectieuze syndromen (PAIS) wordt creatine besproken vanwege de hypothese dat verstoringen in spier- en hersenenergie, mitochondriale functie en creatinemetabolisme kunnen bijdragen aan vermoeidheid, spierzwakte, inspanningsintolerantie en cognitieve klachten. Creatine is echter geen geregistreerde behandeling voor post-COVID, Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QVS), chronische Q-koorts of langdurige klachten na vaccinatie.
Wat is bekend over het werkingsmechanisme van de interventie?
Creatine werkt primair via het creatine-fosfocreatinesysteem. Dit systeem fungeert als een snelle energiebuffer: fosfocreatine kan een fosfaatgroep afstaan om ATP opnieuw te vormen uit adenosinedifosfaat (ADP). Dit is vooral relevant in weefsels met hoge of wisselende energiebehoefte, zoals skeletspieren, hart en hersenen. Bij voldoende creatinevoorraad kan de cel beter omgaan met korte pieken in energievraag en herstel na inspanning.
Bij post-COVID en andere PAIS worden in de literatuur verschillende vormen van bio-energetische ontregeling beschreven, waaronder mitochondriale disfunctie, spiermetabole afwijkingen, ontstekingsprocessen, autonome ontregeling en post-exertionele malaise (PEM). In kleine studies bij post-COVID zijn lagere creatine- of fosfocreatinesignalen in de spier of de hersenen beschreven. Hierdoor wordt creatine gezien als een mogelijke ondersteunende interventie bij klachten zoals vermoeidheid, spierzwakte en cognitieve problemen. Deze mechanistische plausibiliteit betekent echter niet automatisch dat creatinesuppletie klinisch effectief is. Vooral bij PEM is voorzichtigheid belangrijk: een eventuele verbetering van spierenergie mag niet worden geïnterpreteerd als advies om grenzen te overschrijden of opbouw te forceren.
Wat is er bekend over het effect?
Post-COVID
Het klinisch bewijs voor creatine bij post-COVID is in ontwikkeling. Er zijn enkele kleine studies en recente abstracts/publicaties die wijzen op mogelijke verbetering van vermoeidheid, spierkracht en enkele andere klachten. De bewijskracht blijft voorlopig beperkt door kleine onderzoeksgroepen, korte follow-up in sommige studies, heterogene patiëntengroepen, verschillen in dosering en het feit dat niet alle resultaten al in grote, onafhankelijk gerepliceerde RCT’s zijn bevestigd.
Een kleine gerandomiseerde studie uit 2023 evalueerde zes maanden creatinemonohydraat gebruik bij patiënten met post-COVID-vermoeidheidssyndroom. De studie rapporteerde dat creatinesuppletie de creatineconcentraties in spieren en hersengebieden verhoogde en gepaard ging met verbetering van patiënt- en artsgerapporteerde uitkomsten. Er werd onder andere verbetering beschreven in algemene vermoeidheid na drie maanden en in symptomen zoals ademhalingsklachten, lichaamspijn, hoofdpijn, smaakverlies en concentratieproblemen. De studie was echter klein, waardoor onzekerheid blijft over effectgrootte, generaliseerbaarheid en placebo-effecten.
Een in 2026 gepubliceerde studie naar creatinesuppletie bij post-COVID rapporteerde dat 6 gram creatine per dag samenhing met verbetering van vermoeidheid en perifere spierkracht. Ook deze studie levert een voorzichtig signaal dat creatine bij sommige patiënten kan bijdragen aan verbetering van energie en spierkracht. Er zijn momenteel geen gegevens dat creatine PEM voorkomt, verkort of de ernst ervan vermindert. Ook zijn er zijn momenteel geen gecontroleerde studies die aantonen dat creatinesuppletie symptomen van POTS of andere vormen van dysautonomie verbetert. Verder onderzoek is nodig naar de mogelijke langdurige effecten, de optimale dosering en effecten op kwaliteit van leven, PEM, POTS en dysautonomie.
Een scoping review over voeding en post-COVID uit 2025 en een narratief review over creatine bij postvirale vermoeidheid uit 2025 beschrijven creatine als een mogelijke ondersteunende interventie, vooral vanuit de rol van creatine in de energiehuishouding en het beperkte klinische effect in kleine studies. Reviews benadrukken tegelijk dat het bewijs nog vroeg en onvoldoende definitief is. Er is geen overtuigend bewijs dat creatine een curatieve behandeling is voor post-COVID, en er is onvoldoende bewijs om creatine breed als standaardbehandeling aan te bevelen.
Samengevat: creatine is een plausibele en relatief goed onderzochte voedingsstof buiten de post-COVID-context. Bij post-COVID zijn de eerste klinische signalen positief voor vermoeidheid en spierkracht, mogelijk ook voor cognitieve klachten, pijn en ademhalingsklachten. De zekerheid van het bewijs is echter laag tot matig en vooral gebaseerd op kleine studies. Creatine kan daarom hooguit worden gezien als mogelijke aanvullende ondersteuning, niet als bewezen behandeling.
Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QVS)
Er zijn geen klinische studies gevonden die creatinesuppletie specifiek bij QVS onderzoeken. QVS heeft, net als post-COVID, kenmerken van een post-infectieus syndroom met ernstige vermoeidheid, inspanningsintolerantie en cognitieve klachten. Daardoor bestaat er een theoretische overlap met de rationale voor creatine bij postvirale vermoeidheid. Deze overlap is echter onvoldoende om effectiviteit bij QVS aan te nemen. De interventie is onvoldoende onderzocht bij deze pathologie.
Chronische Q-koorts
Er is geen klinische studie naar creatinesuppletie als behandeling voor chronische Q-koorts. Chronische Q-koorts is een persisterende infectie met Coxiella burnetii en vereist specialistische diagnostiek en langdurige antibiotische behandeling volgens geldende richtlijnen. Creatine kan een infectie niet behandelen en mag reguliere behandeling of follow-up niet vervangen. Eventueel gebruik als algemeen voedingssupplement moet individueel worden beoordeeld, zeker bij comorbiditeit, nierproblematiek of gelijktijdig medicatiegebruik.
Klachten na vaccinatie
Er zijn geen klinische studies gevonden die creatine onderzoeken bij langdurige klachten na COVID-19-vaccinatie of andere vaccinaties. Sommige klachtenbeelden na infectie en na vaccinatie kunnen overlappen, zoals vermoeidheid, cognitieve klachten, dysautonomie of inspanningsintolerantie. Toch kan op basis van de huidige literatuur niet worden geconcludeerd dat creatine effectief is voor klachten na vaccinatie. De interventie is onvoldoende bekend bij deze doelgroep.
Toegankelijkheid wanneer van toepassing
Creatine is een voedingssupplement dat een rol speelt in de energievoorziening van spier- en zenuwcellen. Kleine studies bij post-COVID laten mogelijke verbeteringen zien in vermoeidheid en spierkracht, maar het bewijs is nog beperkt. Er is momenteel onvoldoende bewijs om creatinesuppletie als standaardbehandeling voor post-COVID, QVS, chronische Q-koorts of klachten na vaccinatie aan te bevelen.
Creatinemonohydraat is vrij verkrijgbaar als voedingssupplement. De kosten variëren per merk, dosering en kwaliteit en wordt doorgaans niet vergoed door zorgverzekeraars. Omdat voedingssupplementen in kwaliteit en samenstelling kunnen verschillen, is het verstandig te kiezen voor een product met duidelijke samenstelling en bij voorkeur onafhankelijke kwaliteitscontrole.
Creatinesuppletie wordt bij gezonde volwassenen over het algemeen als veilig beschouwd bij gebruikelijke doseringen. Veel gebruikte doseringen liggen rond 3-5 gram per dag; in post-COVID-studies zijn onder andere 4 gram per dag gedurende zes maanden en 6 gram per dag onderzocht. Mogelijke bijwerkingen zijn gewichtstoename door vochtretentie, een opgeblazen gevoel, misselijkheid, diarree of buikkrampen. Creatine kan de bloedwaarde creatinine verhogen doordat creatinine een afbraakproduct van creatine is; dit betekent niet automatisch nierschade, maar kan interpretatie van nierfunctietesten bemoeilijken.
Voorzichtigheid is geboden bij bestaande nierziekte, verminderde nierfunctie, zwangerschap, borstvoeding, jongeren, kwetsbare ouderen, gebruik van nefrotoxische medicatie of complexe comorbiditeit. In die situaties is overleg met arts of apotheker wenselijk. Bij mensen met post-COVID of andere PAIS moet creatine niet worden gecombineerd met geforceerde trainingsopbouw wanneer er sprake is van PEM; activiteiten blijven bij voorkeur afgestemd op individuele belastbaarheid en pacing-principes.
Bronnen en wetenschappelijk bewijs
- Voedingscentrum. Creatine. Geraadpleegd 08-06-2026. https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/creatine.aspx
- Kreider, R. B., Kalman, D. S., Antonio, J., et al. (2017). International Society of Sports Nutrition position stand: safety and efficacy of creatine supplementation in exercise, sport, and medicine. Journal of the International Society of Sports Nutrition, 14, 18. https://doi.org/10.1186/s12970-017-0173-z
- Kreider, R. B., et al. (2025). Safety of creatine supplementation: analysis of the evidence. Journal of the International Society of Sports Nutrition. https://doi.org/10.1080/15502783.2025.2488937
- Slankamenac, J., Ranisavljev, M., Todorovic, N., et al. (2023). Effects of six-month creatine supplementation on patient- and clinician-reported outcomes, and tissue creatine levels in patients with post-COVID-19 fatigue syndrome. Food Science & Nutrition, 11(11), 6899-6906. https://doi.org/10.1002/fsn3.3597
- Santos, M. S. C., et al. (2026). Creatine supplementation on fatigue related to post-COVID condition: a randomized clinical study. Frontiers in Nutrition. https://doi.org/10.3389/fnut.2026.1731306
- Prudente, R., et al. (2025). Effects of Creatine Supplementation on Fatigue Related to Long COVID – Fatigue Study. American Journal of Respiratory and Critical Care Medicine, 211, A2428.
- Ostojic, S. M., Candow, D. G., & Tarnopolsky, M. A. (2025). Creatine and post-viral fatigue syndrome: an update. Journal of the International Society of Sports Nutrition. https://doi.org/10.1080/15502783.2025.2517278
- Ostojic, S. M. (2021). Diagnostic and pharmacological potency of creatine in post-viral fatigue syndrome. Nutrients, 13(2), 503. https://doi.org/10.3390/nu13020503
- Bigman, G., et al. (2025). A Comprehensive Scoping Review on Diet and Nutrition in Relation to Long COVID-19 Symptoms and Recovery. Nutrients, 17(11), 1802. https://doi.org/10.3390/nu17111802
- Appelman, B., Charlton, B. T., Goulding, R. P., et al. (2024). Muscle abnormalities worsen after post-exertional malaise in long COVID. Nature Communications, 15, 17. https://doi.org/10.1038/s41467-023-44432-3
- Sportzorg. Voedingssupplementen: creatine. Geraadpleegd 08-06-2026. https://www.sportzorg.nl/sportvoeding/voedingssupplementen-creatine.